Boete regime sociale zekerheidswetgeving

In het sociale zekerheidsrecht dient op grond van de wet in het geval waarin ten onrechte een uitkering is ontvangen een boete opgelegd te worden. De hoogte van de boete wordt vastgesteld aan de hand van het bedrag dat ten onrechte is ontvangen, het benadelingsbedrag. De Centrale Raad van Beroep heeft zich in haar uitspraken van 24 november 2014 (ECLI:NL:CRVB:2014:3754) en 23 juni 2015 (ECLI:NL:CRVB:2015:1801) kritisch uitgelaten over de strenge boetes in de sociale zekerheidswetgeving. Uit deze uitspraken kan worden afgeleid dat de individuele omstandigheden van de overtreder in acht moeten worden genomen bij het vaststellen van de hoogte van een boete. Daarnaast is ook de mate van verwijtbaarheid van belang voor de hoogte van de boete. Bij opzet kan een boete van 100% van het benadelingsbedrag worden opgelegd, bij grove schuld 75% van het benadelingsbedrag, in de overige gevallen 50% en bij verminderde verwijtbaarheid 25%. Op 11 januari 2016 (ECLI:NL:CRVB:2016:12) heeft de Centrale Raad van Beroep nadere invulling gegeven aan de wijze waarop in bijstandszaken de hoogte van een opgelegde boete bepaald wordt aan de hand van de individuele omstandigheden.
 

De Centrale Raad van Beroep gaat in haar uitspraak een stapje verder door de hoogte van de boete vast te stellen aan de hand van de aflossingscapaciteit. Alhoewel grove schuld wordt aangenomen wordt de opgelegde boete vastgesteld op 18 maal 10% van de bijstandsnorm en derhalve niet op 75 % van het benadelingsbedrag. Het bedrag van 10% wordt vastgesteld aan de hand van de aflossingscapaciteit van de betrokkene. Omdat deze persoon in zijn levensonderhoud voorziet middels een bijstandsuitkering is de aflossingscapaciteit in dit geval echter minimaal. De op grond van de Participatiewet opgelegde boete moet derhalve in anderhalf jaar (18 maanden) kunnen worden terugbetaald. De uitspraak benadrukt het belang van het inzichtelijk maken van uw persoonlijke omstandigheden, maar roept ook vragen op betreffende de toepassing in andere gevallen, waarin bijvoorbeeld sprake is van verminderde verwijtbaarheid of waarin de afloscapaciteit van de betrokkene groter is.  
 

Het socialezekerheidsrecht is complex en aan veel verandering onderhevig. Indien uw uitkering wordt teruggevorderd en u een boete krijgt opgelegd, is het derhalve verstandig u goed te laten voorlichten en u eventueel in de bezwaar- of beroepsprocedure te laten bijstaan door een advocaat. Wij zijn u daarbij graag van dienst en staan u ook bij op grond van gesubsidieerde rechtsbijstand. Indien u vragen hebt naar aanleiding van het bovenstaande, kunt u contact met ons opnemen. Wij adviseren u graag.